Site icon Brainpartner

Einde basisschool, meer motivatie

De conclusie van de Inspectie van het Onderwijs in haar Onderwijsverslag van 2 jaar geleden loog er niet om: “Nederlandse scholieren zijn lui en ongemotiveerd.” In 1 op de 5 lessen op de middelbare school en in 1 op de 10 lessen op de basisschool is een groot deel van de leerlingen met heel andere dingen bezig dan met de lesstof.

Het lijkt niet beter te worden. In 2016 schrijft de Inspectie: “Motivatie om te leren blijft achter”. “Leerlingen VO weinig gemotiveerd. Vergeleken met leerlingen in andere landen zijn Nederlandse leerlingen minder gemotiveerd om te leren” “Ook in het basisonderwijs zijn Nederlandse leerlingen minder gemotiveerd dan leerlingen in andere landen.”

Maar er is een lichtpuntje: “Einde basisschool meer motivatie”, staat er op pagina 19.  Recent onderzoek laat zien dat de werkhouding van leerlingen verandert in de laatste jaren van de basisschool; in groep 7 en 8 laten meer leerlingen een positieve werkhouding zien.

Uit eigen waarnemingen zie ik de verschillen tussen scholen steeds groter worden. Er zijn scholen die de motivatie van leerlingen vanaf groep 1 uitstekend vasthouden. Het tegenovergestelde kom ik helaas ook tegen. Het verschil heeft bijna altijd te maken met de wijze waarop de leraren lesgeven. Als ze boeiend, inspirerend, verfrissend en met passie lesgeven is de motivatie vanzelfsprekend hoger. Een volle didactische ‘gereedschapskist’ en een focus op opbrengstgericht werken, is daarbij belangrijk. Ik zie steeds meer scholen die werk willen maken van ‘eigenaarschap’, vaak gecombineerd met 21ste eeuw vaardigheden. Dat vind ik een goede ontwikkeling, zeker als dit wordt gecombineerd met tot een focus op leren. Ik ben ervan overtuigd dat, als leraren in staat zijn de leerlingen hun WIL om te leren kunnen laten vasthouden, de motivatie beter zal zijn. Daardoor zullen resultaten verbeteren. Maar, hoe doe je dat?

Ik denk dat veel leerlingen meer gemotiveerd zullen blijven als we hen vragen wat ze willen leren. We kunnen vraagtekens zetten bij de traditionele methoden van bijvoorbeeld aardrijkskunde en geschiedenis. Het lezen van deze teksten en het beantwoorden van vragen daarover is vooral goed als oefening begrijpend lezen, maar met het leren begrijpen van deze wereld heeft dat weinig te maken. Ik denk dat we veel meer aandacht moeten geven aan vraaggestuurd leren.

Natuurlijk kunnen we de leerlingen niet alleen laten leren wat ze zelf willen leren. Zeker voor taal en rekenen moeten de leerlingen veel leren als basis. Hoewel vraaggestuurd leren ook in die vakken kan, denk ik meer aan wereldoriëntatie (ook in de onderbouw). De leraren zullen steeds eerst goed moeten nadenken WAT de leerlingen moeten leren. Daarvoor hebben we kaders nodig. Maar die hebben we: kerndoelen (hoewel die moeten worden herzien). Binnen die kaders moeten we bepalen waar we met deze leerlingen de focus op gaan leggen. Vervolgens begeleiden we de leerlingen bij het stellen van hun eigen leervragen (binnen die kaders dus; vragen die ertoe doen!). Die vragen werken ze uit, bijvoorbeeld in allerlei coöperatieve werkvormen en presenteren hun bevindingen aan klasgenoten. Tenslotte is er de reflectie waarbij we de leerlingen terug laten kijken op wat en hoe ze hebben geleerd.

Dit is geen gemakkelijk proces. Harry Stokhof heeft praktijkonderzoek gedaan waarin hij een scenario beschrijft waarmee dit proces effectief kan worden aangepakt. Scholen die écht werk willen maken van ‘eigenaarschap’ en van ‘21ste eeuw vaardigheden’, beveel ik aan om volgens dit scenario te gaan werken.

Als het ons lukt om, mede door deze aanpak, de motivatie te verhogen, dan krijgen we leerlingen die misschien levenslang graag willen leren. Hoe mooi is dat!

Blijft u lesgeven op een 20ste eeuw manier of gaat u nu écht werk maken van meer eigenaarschap en meer motivatie van uw leerlingen?

Meer info over de vijf fasen: klik HIER

Contact
Wilt u in overleg met Robert? Neem contact op via het contactformulier.

Exit mobile version